>

 

 

Hoe ik verliefd werd op deze "Oosterse Schonen".

Ik ben opgegroeid tussen de honden ( Greyhounds), die mijn vaders grote liefde waren.

Op een gegeven moment ontmoette ik in Groningen een mevrouw die hand kon lezen. Tot mijn grote verbazing zei ze dat ik meer een kattenmens dan een hondenmens was. Ik kon me dat niet voorstellen.

Later, toen ik een Whippet hondje had, kwam er ook een katje. Daarna zijn er nog meer katjes gekomen.

 Toen we (mijn man Frank en ik) bij Albert Heijn in Groningen een advertentie zagen: “ Siameesjes te koop ¶100,-- “ kwam ons eerste siamese poesje: “Sirikit”. Zij werd mijn maatje, een heel speciaal poesje. We leerden van haar ook, dat katten konden praten. Sirikit hebben we heel lang, 18 jaren, bij ons gehad.

Na Sirikit kwam Sebastian van Bitubar (Basje). Hij is helaas op jonge leeftijd door een auto ongeluk om het leven gekomen.

In 1986 zijn we verhuisd van het noorden naar het midden van het land. Daar ging ik als vrijwilliger bij de Dierenbescherming, afdeling Zeist werken. Ja, en dan kom je heel veel lieve en speciale katjes tegen.

Na het overlijden van Sirikit kocht ik een tijdje later een oosters blue katertje: “Amber Nielson van Panhuising”, we noemden hem “Merlijn”. Hij werd mijn grote liefde. Na twee jaar is Merlijn spoorloos verdwenen, gestolen of verongelukt, dat zullen we helaas nooit te weten komen, maar we missen hem nog steeds.

 Een half jaar na de vermissing van Merlijn kwamen Wannakadi’s Volkan en Wannakadi’s Burak. Volkan is in augustus 2006 op zesjarige leeftijd overleden aan een aandoening van zijn niertjes. Daar hebben we veel verdriet van gehad. Burak heeft ook last van deze aandoening, maar veel minder ernstig. We hopen hem nog heel lang bij ons te hebben.

In 2004 kwamen we in contact met “Cattery Release”. Daar hebben we een lavendel poesje “Lavender Mist”, nu Noa en een havanna katertje “Foxy Brown”, die nu Bongeni oftewel Bonk heet, gekocht.

In juni 2006 heb ik mijn eerste nestje met Noa onder de vlag van “Cattery Release”gefokt. Sindsdien gaan we ook naar shows met onze katten. Uit het nestje van vijf hebben we twee katertjes gehouden: “Qi Tan”, oosters wit met groene ogen, en “Madhu”, lavendel.  Als klap op de vuurpijl kocht ik kort daarna “Yan Yu van Release”, een bicolor katertje.

In 2008 heb ik een nestje met Noa en Yan Yu gefokt. Daar kwamen vier poesjes uit, drie katertjes en één poesje. Omdat ik eigenlijk moeilijk afstand van de kittens kon doen, heb ik ook daar weer twee van gehouden, “Suray”” oosters blue en “Shyamal”” een zwart katertje.

Mijn grote wens was om ooit een chocolate spotted tabby poesje te hebben (een klein luipaardje). Daarom heb ik in 2010 besloten nog één keer een nestje met Noa en de kater “Noisy Tiny Leopard” van de cattery “ Koosje van Tutte”te fokken. Daar kwamen twee katerjes en twee poesjes uit. Mijn grote wens zat daarbij, ik heb haar “Qi Ti” genoemd. Het andere poesje is een blue blotched tabby, waar ik eigenlijk ook geen afstand van kon doen. Zij heeft de naam “Zahrah” gekregen. De twee katertjes, allebei chocolate spotted tabby zijn bij onze dochter Ingeborg gaan wonen.

In de loop der jaren kreeg ik steeds meer bedenkingen tegen een aantal praktijken rondom het fokken en de fokkers (de goede niet te na gesproken), hetgeen naar mijn mening eigenlijk veel meer door gerichte wet- en regelgeving gestuurd zou moeten worden om misstanden die het welzijn van de dieren in gevaar brengen te voorkomen.

Ook merkte ik aan mijzelf dat ik voor het fokken eigenlijk niet geschikt ben. Daarom heb ik besloten daarmee te stoppen. Ik heb nu tien prachtige lieve dieren en daar blijft het bij. Als ik door zou gaan met fokken is de kans groot dat er nog meer poesjes bij komen en dat is totaal onverantwoord.

 

Menu